DLPA Advocaten

09/10/2017

Nieuwe wetgeving inzake gerechtelijke ontbinding van vennootschappen

Sinds 12 juni 2017 is er een nieuwe wet in werking die de procedure van gerechtelijke ontbinding van vennootschappen op diverse punten wijzigt. Hierna volgen de belangrijkste krachtlijnen:

 

 

GERECHTELIJKE ONTBINDING AL MOGELIJK VOOR EEN VENNOOTSCHAP DIE HAAR JAARREKENING VOOR ÉÉN BOEKJAAR NIET NEERLEGT

Tot voor kort kon de rechtbank van koophandel, op verzoek van iedere belanghebbende of het openbaar ministerie, de ontbinding uitspreken van een vennootschap die gedurende drie opeenvolgende boekjaren geen jaarrekening neerlegt. Voortaan is dit echter al mogelijk nadat een vennootschap één jaarrekening niet tijdig heeft neergelegd. De vordering kan m.a.w. worden ingesteld vanaf het verstrijken van 7 maanden na het afsluiten van het boekjaar waarvoor geen jaarrekening werd neergelegd.

Indien de vordering wordt ingesteld door een belanghebbende of het openbaar ministerie kent de rechtbank een regularisatietermijn van minstens drie maanden toe en verwijst zij het dossier door voor opvolging naar de kamer voor handelsonderzoek.

 

 

RUIMERE BEVOEGDHEID VOOR DE KAMERS VOOR HANDELSONDERZOEK

De kamers voor handelsonderzoek spelen voortaan ook een grotere rol in de procedure. De kamers voor handelsonderzoek volgen ondernemingen in moeilijkheden. In de nieuwe regeling kan ook de kamer voor handelsonderzoek, wanneer volgens haar blijkt dat de ontbinding van de vennootschap kan worden uitgesproken, het dossier van de vennootschap meedelen aan de rechtbank.

Indien de zaak aanhangig wordt gemaakt bij de rechtbank van koophandel door een mededeling van de kamer voor handelsonderzoek, dan kan de rechtbank een regularisatietermijn toekennen of de onmiddellijke ontbinding uitspreken. Het toekennen van een regularisatietermijn is in dit geval facultatief.

 

 

NIEUWE ONTBINDINGSGRONDEN

De nieuwe wet voorziet voorts in een aantal nieuwe gronden op basis waarvan de rechtbank van koophandel de ontbinding kan uitspreken indien het dossier aan de rechtbank werd meegedeeld door de kamer voor handelsonderzoek:

  1. wanneer de vennootschap ambtshalve werd geschrapt uit de Kruispuntbank van Ondernemingen;
  2. indien zij, ondanks twee oproepingen met dertig dagen tussentijd, waarvan de tweede per gerechtsbrief, niet voor de kamer voor handelsonderzoek is verschenen;
  3. indien de bestuurders of zaakvoerders van de vennootschap niet over de fundamentele beheersvaardigheden of niet over de beroepsbekwaamheid beschikken die voor de uitoefening van haar activiteit worden opgelegd.

Ook in dit geval heeft de rechtbank de mogelijkheid om eerst een regularisatietermijn toe te kennen.

 

 

MOGELIJKHEID OM GEEN VEREFFENAAR AAN TE WIJZEN

De vroegere wet bepaalde reeds dat de rechtbank ofwel de onmiddellijke afsluiting van de vereffening kon uitspreken, ofwel de vereffeningswijze bepaalde en één of meer vereffenaars aanwees.

Nieuw is dat de rechtbank nu ook kan beslissen om geen vereffenbaar aan te wijzen indien geen enkele belanghebbende de aanwijzing van een vereffenaar vordert. Elke belanghebbende kan binnen een jaar vanaf de bekendmaking van de ontbinding in het Belgisch Staatsblad alsnog de aanwijzing van een vereffenaar vorderen. Indien dergelijke vordering niet wordt ingesteld binnen een termijn van één jaar, worden de schulden van de vennootschap van rechtswege als oninbaar beschouwd, komen de activa van rechtswege toe aan de Staat en wordt de vereffening geacht te zijn gesloten.

 

 

INITIATIEFRECHT OPENBAAR MINISTERIE BIJ VERLIES MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL

Wanneer het netto-actief van de vennootschap is gedaald tot beneden een bepaald bedrag (dit bedrag varieert naargelang de vennootschapsvorm) kan elke belanghebbende de ontbinding van de vennootschap voor de rechtbank vorderen. Door de nieuwe wet wordt dit vorderingsrecht ook uitgebreid naar het openbaar ministerie.

 

 

VERPLICHTING VOOR BESTUURDERS EN ZAAKVOERDERS OM MEE TE WERKEN MET DE VEREFFENAAR

Tot slot bevat de nieuwe wet ook een bepaling op basis waarvan bestuurders en zaakvoerders van een gerechtelijk ontbonden vennootschap gevolg moeten geven aan alle oproepingen die zij ontvangen van de vereffenaars en hun alle vereisten inlichtingen moeten verstrekken. Zij zijn ook verplicht om de vereffenaars elke adreswijziging mee te deen. Niet-naleving van deze verplichtingen kan zelfs worden gesanctioneerd met een beroepsverbod van maximaal drie jaar.

 

 

BESLUIT

Eén van de belangrijkste nieuwigheden is ongetwijfeld dat vennootschappen die hun jaarrekeningen niet tijdig neerleggen, sneller kunnen ontbonden worden. Voortaan kan de gerechtelijke ontbinding al gevorderd worden vanaf 7 maanden na de afsluiting van het boekjaar waarvoor geen jaarrekening werd neergelegd. Meer dan ooit is het daarom van cruciaal belang dat een vennootschap haar jaarrekeningen tijdig neerlegt. Het spreekt tot slot voor zich dat dit de druk verhoogt in vennootschappen die worden geconfronteerd met een blokkering tussen hun aandeelhouders.

Share:

Recente nieuwsbrieven

02/10/2018 - Op 18 januari 2017 is in alle lidstaten van de Europese Unie, met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk en Denemarken, de Europese Verordening...

06/09/2018 - Het arrest van het Hof van Cassatie van 24 november 2016 – de banken verliezen een eerste ontsnappingsroute   Meer dan een jaar geleden...

Inschrijven op onze nieuwsbrief

In onze nieuwsbrieven lichten wij de voor u relevante juridische actualiteit en belangrijke wetswijzigingen toe. Schrijf u hier in en blijf op de hoogte.