DLPA Advocaten

01/12/2015

De Potpourri-wetten van Minister van Justitie Koen Geens: Komt er kleur in het soms grijze justitielandschap ?

De wet “houdende wijziging van het burgerlijk procesrecht en houdende diverse bepalingen inzake justitie” die op 22 oktober 2015 gepubliceerd werd in het Belgisch Staatsblad, is de eerste van de door Minister van Justitie Koen Geens aangekondigde Potpourri-wetten. Zij beoogt de hervorming van de burgerlijke rechtspleging. De bedoeling is die aan te passen aan de noden van de tijd, zodat procedures sneller en efficiënter verlopen zonder in te boeten op de kwaliteit.

Potpourri I grijpt in op de dagelijkse procespraktijk en is dan ook uiterst relevant voor enerzijds de actoren van justitie (magistraten, advocaten, gerechtsdeurwaarders, griffiers) en anderzijds de rechtzoekenden.

Hieronder wordt een kort overzicht gegeven van de belangrijkste hervormingen:

 

 

ONBETWISTE SCHULDVORDERINGEN

De invordering van onbetwiste schuldvorderingen tussen ondernemingen onderling wordt efficiënter gemaakt. Doel is de rechtbanken te ontlasten door de creatie van een ‘administratieve’ of ‘buitengerechtelijke procedure’. Voortaan zal de gerechtsdeurwaarder op verzoek van de advocaat van de schuldeiser de onbetwiste geldschuld kunnen invorderen. Als de gerechtsdeurwaarder vaststelt dat de vordering niet betwist wordt, zal de procedure voortaan zonder tussenkomst van de rechter plaatsvinden.

 

 

ALLEENZETELEND RECHTER

Voortaan worden burgerlijke rechtszaken en strafzaken in beginsel toegewezen aan kamers met één rechter. Een collegiale kamer, met drie rechters, wordt de uitzondering. Bedoeling is om de capaciteit van de rechtbanken te verhogen.

Het hoger beroep in strafzaken blijft toegewezen aan een kamer met drie magistraten. In gespecialiseerde zaken, zoals het sociaal strafrecht, is het wel de bedoeling dat de alleenzetelende rechter een gespecialiseerde opleiding krijgt.

Wanneer de complexiteit of het belang van de zaak of bijzondere, objectieve omstandigheden daartoe aanleiding geven, kunnen zaken geval per geval aan een kamer met drie raadsheren worden toegewezen.

 

 

HOGER BEROEP

Hoger beroep heeft in principe geen schorsend karakter meer, waardoor het vonnis in eerste aanleg direct uitvoerbaar is. De uitvoerbaarheid bij voorraad wordt m.a.w. de regel.

In geval van hoger beroep tegen een veroordeling tot betaling van een geldsom, kan de betaling wel nog steeds op een geblokkeerde rekening gekantonneerd worden tot er een uitspraak is in beroep.

Is de onmiddellijke uitvoerbaarheid wegens de aard van het geding niet mogelijk – bijv. als het om de afbraak van een loods gaat of iets anders dat onomkeerbare schade kan opleveren –, dan kan de rechter toch de schorsing van de uitvoerbaarheid bevelen. Daarom ook geldt de maatregel niet voor vonnissen van de familierechtbank, zoals echtscheidingen. Daarvoor blijft het hoger beroep zijn schorsende werking behouden.

 

 

TUSSENVONNISSEN

Het is niet langer mogelijk om hoger beroep in te stellen tegen bepaalde tussenvonnissen. Tegen een beslissing inzake bevoegdheid of, tenzij de rechter anders bepaalt, een beslissing alvorens recht te doen, kan slechts hoger beroep worden ingesteld samen met het hoger beroep tegen het eindvonnis.

 

 

OPENBAAR MINISTERIE

Het Openbaar Ministerie zal niet langer systematisch tussenkomen in burgerlijke procedures, het advies wordt in de meeste gevallen facultatief. In sommige zaken zal het Openbaar Ministerie helemaal niet meer tussenkomen, in sommige gevallen nog wel, in andere zaken alleen als de rechter het nuttig acht.

 

 

BEPERKEN VAN KOSTEN EN DURE ONDERZOEKSMAATREGELEN

Behalve wanneer de maatregel betrekking heeft op het vervuld zijn van een ontvankelijkheidsvoorwaarde, kan de rechter een onderzoeksmaatregel slechts bevelen nadat de betrokken vordering ontvankelijk werd verklaard. De rechter beperkt de keuze van de onderzoeksmaatregel en de inhoud van die maatregel tot wat volstaat om het geschil op te lossen, mede in het licht van de verhouding van de verwachte kosten van de maatregel tot de inzet van het geschil en waarbij de meest eenvoudige, snelle en goedkope maatregel de voorkeur geniet.

Deze maatregel dient om lichtzinnige en vaak dure en tijdrovende gerechtelijke deskundigenonderzoeken te vermijden.

Share:

Recente nieuwsbrieven

31/05/2018 - Het Eenheidsstatuut voerde vanaf 1 januari 2014 voor alle werknemers (zowel arbeiders als bedienden) vaste opzeggingstermijnen in die in acht...

30/04/2018 - Tot nog toe had enkel de architect de wettelijke verplichting om zijn beroepsaansprakelijkheid te verzekeren. Een dergelijke verzekeringsplicht...

Inschrijven op onze nieuwsbrief

In onze nieuwsbrieven lichten wij de voor u relevante juridische actualiteit en belangrijke wetswijzigingen toe. Schrijf u hier in en blijf op de hoogte.